Echtscheiding

Op dit moment resulteert één op de drie huwelijken in een echtscheiding.

Het eerste koppel dat in “Nederland” gebruik maakte van deze mogelijkheid was het echtpaar Wilhelmus Meers en Agatha Lenaerts. Hun echtscheiding werd uitgesproken in 1796. De echtelieden waren op 26 november 1775 getrouwd in de Sint-Jacobkerk te Maastricht. Aanvankelijk ging alles goed, hetgeen al blijkt uit het feit dat er zes kinderen geboren werden, waarvan er echter twee als baby stierven. Maar na verloop van enige jaren steeg de onenigheid tussen de echtelieden. Het jongste kind was nog geen zeven, toen de kerkelijke rechter, de officiaal van de aartsdiaken van Haspengouw te Maastricht, op 19 september 1794 scheiding van tafel, bed en samenwoning uitsprak. Twee jaar later maakte het echtpaar gebruik van de nieuwe mogelijkheid tot echtscheiding die de burgerlijke Franse wetgeving bood. Mevrouw althans, die van haar man af wilde... want meneer kwam niet opdagen. Jean-Abraham Mamin, ambtenaar van de Burgerlijke Stand van Maastricht, schreef op 29 Fructidor van het jaar 4 (15 september 1796) hun scheidingsakte in, die daarmee de eerste echtscheiding in Nederland is. Bron: rijksarchief Limburg

Daar waar de echtelieden samen de huwelijksboot instapten, wil er in ieder geval één er weer uit stappen. Hoe dat gaat, hangt veelal van de mensen zelf af. Mensen zonder kinderen scheiden anders dan mensen met kinderen. Mensen met een nieuwe relatie scheiden anders dan wanneer er nog geen derde in het spel is. Mensen die tijdens het huwelijk nooit ruzie hadden, scheiden anders, dan stellen waarbij het servies wel eens door de keuken vloog. Kortom geen enkele scheiding is te voorspellen, dat hangt volledig van de betrokkenen zelf af.
We maken een onderscheid tussen een echtscheiding op tegenspraak (partijen zijn het oneens) of een gemeenschappelijk verzoek tot echtscheiding (partijen zijn het eens):

De regels bij de echtscheiding op tegenspraak:

Eén der partijen dient bij de rechtbank met behulp van een advocaat(verplicht) een verzoek in.
In zo’n verzoekschrift, waarin de echtscheiding wordt gevraagd, kan ook om nevenvoorzieningen verzocht worden, bijvoorbeeld, alimentatie, gebruik van de woning, en de verblijfplaats van de kinderen. Zo’n verzoekschrift wordt door een deurwaarder bij de andere partij of als die een advocaat heeft, betekend (afgegeven). Op het verzoekschrift, waarin dus de eisen van de ene partij staan, kan de ander reageren middels een advocaat en ook eigen eisen stellen. Dit moet binnen een termijn van 6 weken gebeuren. Eén keer kan een uitstel van 4 weken gevraagd worden, een volgend uitstel keer alleen wanneer sprake is van bijzondere omstandigheden en/of de verzoekende partij daarmee instemt.

Vervolgens bepaalt de rechtbank een datum voor een comparitie, een ander woord voor zitting. Daar zal een rechter de partijen horen en proberen een minnelijke regeling te treffen. Ook bestaat er een mogelijkheid dat de rechter doorverwijst naar een bemiddelaar/mediator om daar een regeling te treffen. Maar de rechter kan ook aangeven dat hij een (tussen)uitspraak zal geven en geeft aan het einde van de zitting aan binnen welke termijn die beschikking (beslissing in het familierecht) te verwachten valt. Deze wordt naar hun advocaten gestuurd, die partijen daarvan op de hoogte brengt.
Indien de rechter een definitieve uitspraak geeft hebben beide partijen 3 maanden de mogelijkheid om in hoger beroep te komen van deze beslissing. Wordt geen appèl ingesteld dan kunnen partijen een akte van berusting tekenen waardoor de inschrijving van de echtscheiding vervroegd in de registers van de burgerlijke stand van de plaats van de huwelijksvoltrekking kan worden ingeschreven. (Anders zou je drie maanden moeten wachten). De dag van de inschrijving is de definitieve dag van de scheiding.

Wanneer er tijdens de echtscheiding kinderen zijn die ouder zijn dan 12 jaar, zullen deze zelf een oproep ontvangen voor een gesprek bij de rechter. Dit gebeurt op een informele wijze in de aanwezigheid van een griffier. Zij kunnen vrijuit spreken. Veelal wordt er door de rechter geen mededeling gedaan over wat het kind verklaard heeft.

De regels bij een gemeenschappelijk verzoek:
Hierbij zijn partijen het eens of zetten zij zich in om het eens te worden middels mediation om zodoende hun afspraken op papier te zetten (convenant). Dit convenant wordt aan het verzoek tot scheiding gehecht (samen met het ouderschapsplan als er kinderen zijn) en naar de rechtbank gezonden. Partijen hoeven dan niet te verschijnen, de echtscheiding wordt dan schriftelijk afgedaan.
Wanneer de uitspraak wordt afgegeven tekenen partijen een akte van berusting waarmee de inschrijving van de echtscheiding in de registers van de burgerlijke stand van de plaatsvindt en de scheiding een feit is. De dag van de inschrijving is de definitieve dag van de scheiding.

Wanneer er tijdens de echtscheiding kinderen zijn die ouder zijn dan 12 jaar, zullen deze zelf een oproep ontvangen voor een gesprek bij de rechter. Dit gebeurt op een informele wijze in de aanwezigheid van een griffier. Zij kunnen vrijuit spreken. Veelal wordt er door de rechter geen mededeling gedaan over wat het kind verklaard heeft.

 

 

 



Nathalie Simons is samen met Robert Zwarts
per 1 april samen gegaan in Simons & Zwarts Familierecht
www.simonsenzwarts.nl